Om artikelen te kunnen downloaden heb je een account en abonnement nodig.
Om artikelen op te slaan heb je een account en abonnement nodig
Om artikelen op te slaan heb je een account en abonnement nodig
Taal in het kwadraat: Kinderen met TOS beter begrijpen
Samenvatting
Het is bijzonder om te zien hoe kinderen in staat zijn om zich in drie jaar tijd hun moedertaal eigen te maken. Maar bij kinderen met een taalontwikkelingsstoornis (TOS) gaat dit niet zo soepel. Kinderen met TOS ondervinden logischerwijs problemen in de communicatie met anderen, maar er lijken ook vaak stoornissen te zijn in andere cognitieve domeinen en er is niet zelden sprake van bijkomende sociaal-emotionele problemen. Aangezien TOS bij een aanzienlijk deel van de kinderen voorkomt (naar schatting 5%) en het een heterogene groep met multidimensionale problematiek betreft waar nog weinig over bekend is, hebben de auteurs dit boek geschreven om professionals in het onderwijs en de zorg te ondersteunen bij de omgang met kinderen met TOS. Dit boek beschrijft TOS door een neuropsychologische bril, vanuit het model waarin taal met zichzelf vermenigvuldigd wordt: innerlijke taal x sociale taal = taal2
Taal in het kwadraat: Kinderen met TOS beter begrijpen
Constance Vissers, Jet Isarin, Daan Hermans & Ina Jekeli (2021)
Huizen: Uitgeverij Pica, 140 pp.,
ISBN 9789492525871
Het boek begint met de introductie van de begrippen 'taal' en 'communicatie' en beschrijft wanneer men spreekt van een TOS. Hierbij valt op hoe er speciale aandacht is voor de consequenties van TOS voor de participatie in de samenleving. Vervolgens worden de verschillende taaldomeinen beschreven waar stoornissen in gezien kunnen worden bij TOS. De auteurs beschrijven helder hoe taalstoornissen bij kinderen met TOS kunnen leiden tot problemen in de sociale en emotionele ontwikkeling. Ondanks dat beperkingen in de taal kunnen worden verholpen door intensieve behandelingen, kunnen sociaal-emotionele problemen blijven bestaan. Dit laat zien dat de sociaal-emotionele problemen een integraal onderdeel vormen van TOS en TOS daarmee meer is dan stoornissen in de taalproductie en/of in het taalbegrip, iets wat een belangrijk speerpunt vormt van dit boek.
Vervolgens wordt er in hoofdstuk 2 ingegaan op het neuropsychologische perspectief. Dit perspectief veronderstelt dat het gedrag dat kinderen met TOS laten zien, wordt beïnvloed door cognitieve processen waar de hersenfuncties aan ten grondslag liggen. In dit perspectief is er ook aandacht voor het ontwikkelingsniveau en omgevingsfactoren. De auteurs laten zien dat dit model het mogelijk maakt om de problemen op het gedragsniveau (beperkingen in communicatie) beter te begrijpen en hierbij verder te kijken dan de taalstoornis.
In de volgende drie hoofdstukken beschrijven de auteurs de drie belangrijkste cognitieve domeinen die betrokken zijn bij TOS, te weten executief functioneren, Theory of Mind en innerlijke taal. Hierbij wordt telkens beschreven in welke mate deze cognitieve domeinen zijn aangedaan bij kinderen en jongeren met TOS en hoe deze vervolgens samenhangen met de problemen in de taal. Hierbij worden er tevens adviezen gegeven hoe professionals kinderen met TOS kunnen ondersteunen in de problemen die bijvoorbeeld gezien worden in het werkgeheugen of cognitieve Theory of Mind. Boeiend is het hoofdstuk over innerlijke taal, waarin de auteurs laten zien dat de taalproblemen die gezien worden bij kinderen met TOS niet alleen leiden tot moeilijkheden in de communicatie met anderen, maar ook tot problemen in de communicatie met zichzelf. Dit heeft ernstige gevolgen voor het mentaliseren en de zelfregulatie bij kinderen met TOS.
Er is tevens een hoofdstuk gewijd aan TOS in opvoeding en onderwijs. Hierin wordt besproken welke competenties we van kinderen in het dagelijks leven verwachten en hoe kinderen met TOS hier moeite mee hebben. Er wordt stilgestaan bij hoe sensitief-responsief opvoeden en onderwijzen kinderen met TOS kan helpen in het ontwikkelen van zelfregulatie en mentaliserend vermogen. Dit hoofdstuk staat vol met tips en adviezen voor ouders en leerkrachten.
Het boek besluit met een uitvoerige casusbeschrijving van een jongen met TOS waarin de besproken thema's nogmaals worden geïllustreerd.
Het boek is verrijkt met quotes van kinderen met TOS. Deze quotes laten zien welke impact moeilijkheden in taalproductie en/of taalbegrip hebben op de communicatie met anderen en ook welke invloed deze beperkingen hebben op hun sociale contacten en gevoelsleven. Daarbij is het boeiend om te zien hoe de auteurs door het boek heen concepten zoals 'taal', 'communicatie' en 'innerlijke taal' tevens vanuit filosofisch perspectief benaderen. Al met al is het boek een aanrader voor zorgprofessionals en leerkrachten die met kinderen met TOS werken, maar het boek is ook toegankelijk voor ouders van kinderen met TOS.