Naar inhoud nummer
Download

Om artikelen te kunnen downloaden heb je een account en abonnement nodig.

Om artikelen op te slaan heb je een account en abonnement nodig

Om artikelen op te slaan heb je een account en abonnement nodig

Boeksignalering

Boeksignalering

Meinte Vollema
Jaargang 13 (2018) - Nummer 3 - donderdag 15 november 2018

Samenvatting

Hieronder bespreken we twee populairwetenschappelijke boeken en één behandelprotocol, die alle drie de vertaalslag maken van het wetenschappelijk neuropsychologisch onderzoek naar het behandelen van patiënten met cognitieve stoornissen.

Een jonger brein in twee weken

Gerry Small & Gigi Vorgan, Culemborg: Uitgeverij Anderz, 2015, 240 pp.

'Een jonger brein in twee weken' klinkt enerzijds veelbelovend en anderzijds zal het de wenkbrauwen van menig neuropsycholoog doen fronsen. Het is een boek met zo'n echte Amerikaanse titel, waardoor je toch de neiging moet onderdrukken om te denken: dit zal wel niks wezen. Schijn bedriegt, want het bleek een leerzaam boek. Tenminste als je als neuropsycholoog geïnteresseerd bent in zaken die het geheugen kunnen verbeteren. En het gaat hierbij dan om allerlei verschillende factoren die een beetje kunnen bijdragen aan het verbeteren van de geheugenfuncties. Gerry Small is de eerste auteur (en zijn vrouw de tweede) en is hoogleraar psychiatrie/veroudering aan de UCLA. Eerder in 2003 schreef hij De geheugenbijbel. De auteurs hebben op meerdere gebieden het wetenschappelijk onderzoek naar geheugen verbeterende interventies doorgenomen en dat vervolgens zeer praktisch samengevat. De negatieve rol van stress op de hippocampus en op het geheugen wordt erg goed uitgelegd. Ook wordt aan de hand van onderzoek toegelicht wat stress-verminderende technieken, zoals meditatie, voor helende effecten kunnen hebben op het geheugen. De positieve rol van hersengymnastiek (sudoku's), gamen, muziek (behalve heavy metal volgens Erik Scherder), voeding (granaatappelpitjes), lichaamsbeweging, sociale contacten, voedingssupplementen (vitamine B) en omega-3 visolie wordt vervolgens helder uit de doeken gedaan. Het is een hoopgevend boek met veel informatie, geschreven voor een breed publiek. Zo haalden de auteurs een longitudinaal onderzoek aan naar het significante effect van vitamine B-supplementen op het afremmen van de geheugenachteruitgang bij ouderen met Mild Cognitive Impairment. Voor neuropsychologen die patiënten met geheugenstoornissen behandelen is dergelijke informatie uitermate welkom. En zo zijn er veel meer bruikbare weetjes terug te vinden in dit goed gestructureerde boek, dat geheel in Amerikaanse stijl eindigt met een veertiendaags doe-het-zelfbehandelprotocol.

Een beter brein: Kan hersenwetenschap ons slimmer maken?

Niki Korteweg, Amsterdam: Uitgeverij Atlas Contact, 2017, 304 pp.

Een beter brein is een iets minder pretentieuze titel dan Een jonger brein in twee weken. Er ligt immers geen tijdsdruk in besloten. Niki Korteweg, gepromoveerd in de moleculaire neurobiologie en werkzaam als wetenschapsjournalist, heeft een boek geschreven in dezelfde lijn als Small en Vargan. Ook zij wil weten wat er bekend is in de neurowetenschappen aan feiten over het verbeteren van de hersenfuncties. De kennis die dit oplevert, is misschien wel praktisch toepasbaar. Ze onderneemt hiertoe een zoektocht door de literatuur en ze doet veldwerk door bijvoorbeeld langs een aantal gerenommeerde hersenonderzoekers te gaan of hen op te bellen en door een aantal sessies neurofeedback en transcraniële Direct Current Stimulation (tDCS) te ondergaan. Ook zij benoemt de mogelijke voordelen op de hersenfuncties van goed slapen, mediteren, veel lichaamsbeweging, hersengymnastiek, cognitieve training en gezonde voeding (vis, melk en ook hier een goed woord voor vitamine B-supplementen, waarbij ze hetzelfde onderzoek citeert als Small en Vorgan). Hier en daar is ze minder positief over met name de veronderstelde werking van neurofeedback en cognitieve trainingen (zoals Cogmed). Een stuk enthousiaster (en langer) daarentegen schrijft ze over de nieuwere neuromodulatietechnieken als Deep Brain Stimulation (DBS) voor patiënten met de ziekte van Parkinson of een dwangstoornis, en transcraniële magnetische stimulatie (TMS) voor depressie. tDCS is nog maar net tien jaar op de markt en kan toegepast worden bij het opnieuw aanleren van bewegingen, bijvoorbeeld bij krachtsverlies door een hersenbloeding of bij afasie. Het aantal toepassingsgebieden dijt snel uit. Nog enthousiaster wordt de auteur bij het bespreken van robotarmen die bestuurd worden door de gedachten van een verlamde patiënt, of van headsets die reageren op hersengolven. Met die headsets kun je dan van alles besturen zoals drones, je telefoon of je pc. De bedrijfjes die het verkopen, hebben Startrek-achtige namen, zoals BrainLink of Neurosky. Voor praktiserende neuropsychologen is deel I van dit boek leerzaam en nuttig, en deel II wat minder nuttig, maar wel inspirerend.

Kop op! Hoe omgaan met sociale en emotionele veranderingen na een hersenletsel? Groepsprogramma met psycho-educatie en opdrachten

Wouter Lambrecht & Camille De Schaepmeester. Gijzegem (B): Uitgeverij Sig vzw, 2017, 281 pp.

En tot slot bespreken we een echt neuropsychologisch behandelprotocol inclusief cd-rom, ontwikkeld door twee Vlaamse collega-klinisch-neuropsychologen. Kop op! is een volledig uitgeschreven en gestandaardiseerd groepsbehandelprogramma voor mensen met niet-aangeboren hersenletsel (inclusief de neurodegeneratieve aandoeningen als multiple sclerose, de ziekte van Parkinson en Huntington). Het programma focust duidelijk niet op de cognitieve stoornissen, maar vooral op de sociale en emotionele gevolgen van hersenletsel, die in de 'tweede revalidatie' aan bod komen (zo genoemd door Rudolf Ponds, die een mooi voorwoord schreef). Een dergelijk behandelprotocol voor de sociaal-emotionele gevolgen van hersenletsel is bijzonder welkom. Het programma wordt aangeboden in een stevige, deels geplastificeerde ringband in boekvorm en het bestaat uit tien volledig uitgeschreven modules. Het is zowel evidence- als practice-based. De behandelsessies zijn groepsgewijs met een begeleider, een aantal patiënten en ook naaste familieleden zijn welkom. Men benadrukt de meerwaarde van het lotgenotencontact. Achtereenvolgens wordt er uitgebreid aan psycho-educatie gedaan, en komen vermoeidheid, cognitie, stress, verliesverwerking, depressie, piekeren, motivatie, sociale vaardigheden en ontspanning aan bod. Het is geen groepstherapie, maar Kop op! ademt wel heel duidelijk cognitieve gedragstherapie. Het boekwerk is doorspekt met prachtige illustraties van het brein, maar vooral ook van de behandelonderwerpen, zoals belastbaarheid, draagkracht, achteruit piekeren (rumineren) en vooruit piekeren (doemdenken). Als ik patiënt zou zijn met NAH zou ik dit programma zeker willen volgen.

Bekijk artikelen van dezelfde auteurs

Meinte Vollema

Download citeerwijze bij dit artikel

[Gebruiksvoorwaarden voor dit artikel]

RIS
TY - JOUR AU - Meinte Vollema PY - 2018-11-15 TI - Boeksignalering SP - 244 EP - 245 VL - 0
BibTex
@article{mrx05, author = "Meinte Vollema", title = "Boeksignalering", journal = "Tijdschrift voor Neuropsychologie", year = 13, volume = 0, number = "3", pages = "244-245", publisher = "Koninklijke Boom uitgevers" }
APA
Meinte Vollema (13). Boeksignalering, 0(3), 244-245.
Vancouver
Meinte Vollema. Boeksignalering. Tijdschrift voor Neuropsychologie. 15 nov 2018; 0(3); 244-245.
Leidraad
Meinte Vollema, 'Boeksignalering', 13, afl. 3, p. 244-245, DOI:.