Om artikelen te kunnen downloaden heb je een account en abonnement nodig.
Om artikelen op te slaan heb je een account en abonnement nodig
Om artikelen op te slaan heb je een account en abonnement nodig
Repliek naar aanleiding van de reacties op 'Hoe meet je nu intelligentie?'
Samenvatting
Eerder had ik betoogd dat er in wezen twee ideeën zijn over intelligentie: het idee van Galton dat er één algemeen onderliggende factor is die verantwoordelijk is voor verschillen tussen individuen in cognitief presteren. De tweede benadering is die van Binet, de meer pragmatische: met een brede reeks subtests screenen, waarbij intelligentie dan de 'optelsom' van de subtests is geworden. Deze laatste benadering is naar mijn idee niet gebaseerd op theorie. Vervolgens heb ik betoogd dat in onderzoek naar intelligentie en naar de relatie ervan met neurale structuren naar voren is gekomen dat het in feite om één algemene factor gaat, g. Een vrij groot netwerk van vezelbanen tussen pariëtale en frontale kwabben kan de variatie in g het best verklaren en dit netwerk kan als een neuraal substraat van het werkgeheugen worden gezien.